Kort verhaal: De keizer en zijn verlamde arm

Na de eerste wereldoorlog vluchtte keizer Wilhelm II van Duitsland naar Nederland. Hij vestigde zich na enige omzwervingen in huize Doorn, gelegen op de Utrechtse heuvelrug – een in zijn ogen erg bescheiden onderkomen. Weliswaar was het een kasteel, maar, vergeleken met het paleis dat hij in Berlijn gewend was, gold het als een bescheiden stulpje. Tegenwoordig is huize Doorn een museum, volgestouwd met meubels, schilderijen, wandtapijten, zilverwerk, klokken en serviezen, allemaal afkomstig uit het bezit van de gevluchte vorst. In maar liefst 64 treinwagons heeft Wilhelm de inboedel van zijn Duitse paleizen naar Nederland laten overbrengen – geen geringe operatie. Een groot deel kreeg in zijn nieuwe woning een plek, maar vol was het wel. Bij een bezoek aan het museum kijk je je ogen uit.

De keizer had in Nederland een overvloed aan vrije tijd – die hij het liefst vulde met zijn grote hobby: houthakken. Dat is opmerkelijk, want Wilhelm had een verlamde linkerarm. Op foto’s houdt hij die arm enigszins uit beeld, want hij schaamde zich voor zijn handicap. Het was allemaal te danken aan een trauma bij zijn geboorte. Zijn moeder, keizerin Victoria, was een dochter van de gelijknamige koningin van Engeland. De spreekwoordelijke Victoriaanse preutsheid heeft hem parten gespeeld. Toen de keizerin op het punt van bevallen stond, kwam de arts opdraven die zou helpen het kind ter wereld te brengen. Het was echter ongepast dat hij de vorstin in vol ornaat zou aanschouwen. Dus moest hij de baby met enigszins afgewend hoofd onder de rokken van de van keizerin vandaan zien te plukken. Een zenuwbundel in de linkerarm raakte hierdoor bekneld, met als resultaat een zogeheten Erbse parese, een verlamming als gevolg van zenuwletsel. Zijn Engelse familie sprak ietwat denigrerend van “Willy’s withered arm”- “Willy’s verschrompelde arm”. Het belette de keizer niet om eigenhandig een groot deel van het bos, dat op het terrein van huize Doorn lag, om te kappen. 

In 1941 is Wilhelm II overleden. Hij werd begraven in een mausoleum dat zich op het landgoed bevindt. Pas als in Duitsland de monarchie hersteld is, mag zijn stoffelijk overschot naar Berlijn worden overgebracht, zo heeft hij bepaald. Voorlopig lijkt hier weinig kans op.